013 - 536 65 55info@kzoadvocaten.nl

Dubbel denken bij dividenduitkering

B was enig bestuurder en aandeelhouder van … Beheer (BV). Beheer was weer de enig aandeelhouder van … Exploitatie BV. Beheer en B waren de bestuurders van Exploitatie. Kortom, B had het bij Beheer en bij Exploitatie voor het zeggen.

Niet verbazingwekkend hadden Beheer en Exploitatie dezelfde accountant.

Exploitatie verkocht in 2011 voor € 983.000,– diverse bedrijfspanden aan Beheer (=B). Echter hoefde Beheer niet direct te betalen; de koopprijs werd geboekt in de rekening-courant verhouding tussen Beheer en Exploitatie. Die rekening-courant verhouding werd daarna nog wat hoger, € 1.011.409,– in 2013.

Vanaf 2014 en zeker vanaf het begin van 2016 ging het niet goed met Exploitatie. Materieel was sprake van verlies. Bij de bank was steeds sprake van een maximale roodstand. B schreef in januari 2016 naar de accountant, ook over de nog te verwachten problemen, en vroeg om overleg.

Kort daarna, in mei 2016, schreef B aan de accountant dat Exploitatie dividend aan de aandeelhouder wilde uitkeren. Aan Beheer (=B) dus, € 1.080.000,–. Waarmee Beheer -tadaa!- de rekening-courant verhouding niet meer hoefde in te lossen. De accountant reageerde op 12 mei dat hij in het kader van de zogenaamde “checklist uitkering dividend” geen bezwaar zag.

Het dividendbesluit werd volgens notulen van een AVA (=B) op 31-12-2015 genomen. Het bestuur (=B) gaf de wettelijk vereiste goedkeuring. Het werd netjes verwerkt in de jaarcijfers van 2015.

Hè, 31 december 2015? Na overleg in mei 2016? Inderdaad.

Exploitatie ging in 2017 failliet.

De curator vond het allemaal niet zo okee. Het dividendbesluit was duidelijk geantedateerd en had nooit mogen worden genomen. De zogenaamde uitkeringstest van artikel 2:216 BW (“Kan de vennootschap ook na die uitkering haar schulden blijven betalen?”) was niet uitgevoerd en zou negatief zijn uitgevallen. De bestuurder (=B) had zijn goedkeuring moeten weigeren en is nu persoonlijk aansprakelijk, aldus de curator.

Klopt, aldus de rechtbank.

B zocht nog een uitweg: “En de accountant dan?”

Ook dat klopt, aldus de rechtbank. De accountant had B veel steviger moeten waarschuwen om de uitkeringstest te doen en had B moeten wijzen op het aansprakelijkheidsrisico.

Maar, aldus de rechtbank, dan moeten we in het vervolg van de procedure nog maar eens goed kijken naar bijvoorbeeld de eigen schuld van B.

Een les dus voor zowel bestuurders als accountants: denk allebei goed na over een dividenduitkering, ná een uitkeringstest.

De uitspraak kun je hier vinden.

 

Tilburg, 1 maart 2021

Mr. Toine Zegers, KZO|O13 Advocaten

Dividenduitkering

STEL EEN VRAAG AAN EEN ADVOCAAT

advocaat tilburg

Spoorlaan 460
Postbus 9150
5000 HD Tilburg

T 013 - 536 65 55
F 013 - 536 84 20
E info@kzoadvocaten.nl

Social media

Je kunt ons ook volgen op de normale social media kanalen:

echtscheidingsadvocaat

NIEUWSBRIEF

Meld je aan voor onze online nieuwsbrief en blijf op de hoogte van de laatste ontwikkelingen.